Een traan van beroering

Mijn adem stokte even toen ik het bericht las. Zittend in de bijrijdersstoel op weg naar een voetbalwedstrijd kijkende naar de Formule 1 start van Max Verstappen op Spa-Francorchamps: Michael Schumacher laat soms een traan als hij vanuit zijn rolstoel uitkijkt over het meer van Genève. Of het echt waar is, wordt niet duidelijk, een anonieme bron spreekt, opgetekend in een Franse Boulevard krant.

De quote is bijna te mooi om waar te zijn, zo beeldend. Waarom laat hij een traan? Is het de emotie die opwelt omringd door prachtig natuurschoon? Is het misschien een simpel fysiek ongemak, een traanbuis? Of is het de pijn die schuilt in het gemis zoveel te moeten missen van het leven dat gewoon doorgaat? Ik vraag me af hoe het met de legendarische coureur gaat.

De tegenstrijdigheid lijkt groot, hoe vaak en veel we alles over ‘onze’ Max Verstappen te horen en zien krijgen, zo oorverdovend is de stilte als het gaat om de oud zevenvoudig wereldkampioen Formule 1. Als een dichte nevel die hangt rondom de man die zwaar letsel overhield aan een onfortuinlijk ski-ongeluk bijna vijf jaar geleden. Zijn familie houdt alle informatie buiten de deur, uiteraard hun goed recht.

Het is ook niet dat ik persé informatie uit bladen wil lezen over Schumi, het is meer het gevecht met mijzelf. De romanticus in mij zou naar boven kijken en vragen of de geest van de diepgelovige Ayrton Senna kon afdalen uit het koninkrijk der goden om Schumacher te helpen, biddend voor een volledig herstel. De realist in mij denkt: wat in en in triest dat we blij moeten zijn dat Michael Schumacher, de man die alles won en die ik mijn hele jeugd volgde, nu een traantje pinkt na bijna 5 jaar. Is dat een waardig leven?

Ik heb genoeg aan die traan daar aan dat meer. Ik prent me in dat dit verhaal waar is, dat het een traan van diepe beroering is van het besef nog in leven te zijn, dat het berust op het geloof beter te worden en de tijd die hem nog rest waardevol in te vullen met zijn naasten. Ik wil kunnen geloven dat alle grote sportverhalen geschreven worden met een happy end. Ik wil gewoon verdomme af en toe geloven in sprookjes.

  • Deel artikel op: